De rups

11-10-2015 10:47

De Rups

 

Op een veldje, vlakbij het bos, 

kroop een rups, zwart met ros.

Hij keek verdrietig en kroop,

snel verder, in de hoop,

wat aardiger, andere insecten te ontmoeten

hij was moe en had pijn in al zijn voeten....

 

Waarom hij geplaagd werd wist hij niet,

maar het deed hem veel verdriet.

"Ze" zeiden dat hij altijd maar zat te vreten!

Maar rups hield gewoon van veel en lekker eten,

lekkere sappige blaadjes, het liefst van kooltjes,

maar soms ook wel spruitjes of viooltjes..

"Ze" zeiden: "zie je wel, daar barst hij weer uit zijn vel,

Je eet gewoon veel te veel,

hoe krijg je het door je keel!

Bah, daar doen wij niet aan mee!"

 

Er kwam een actiecomité..

"Rups, je bent zo'n veelvraat,

wij willen dat je onze buurt verlaat!

Er blijft voor ons niets over."

Je ben een voedselrover!!

 

En hups, daar ging rups weer,

voor de zoveelste keer,

Op weg naar een ander plekje,

waar kool groeide en waar niemand zich met hem bemoeide..

Hij at en at en at en at,

en het leek inderdaad wel of hij nooit genoeg had!

Na al dat eten viel hij in een hele diepe slaap,

en deze dikke knaap,

veranderde in een cocon,

die hij om zichzelf heen spon.

 

Na een tijdje, een dag of tien,

je zult het niet geloven misschien,

kwam rups uit zijn cocon,

's ochtends vroeg in de lentezon..

Hij voelde zich vreemd en raar,

hé, wat zat er op zijn rug, daar?

Het werd alsmaar groter en groter,

het werd nog idioter! 

 

Rups was geen rupsje meer,

en bewoog zijn mooi gekleurde vleugels op en neer..

Na wat oefenen fladderde hij door de lucht,

als mooie vlinder en gaf een diepe zucht.

Bij een bloemenveld streek hij neer,

want in kooltjes had vlinder nu geen trek meer.

Daar ging hij op zoek naar nectar en honing,

het bloemenveld werd zijn nieuwe woning.

 

Die vervelende insecten van vroeger waren lang vergeten

hij wilde er helemaal niets meer van weten,

want de rups, die nu een vlinder was,

was heel blij en erg in zijn sas!

Met de andere vlinders danste en fladderde hij in het rond,

iedere zomerse dag, tot laat in de avond...

Hij zocht nog wel een lieve vlindervrouw

en die vond hij al gauw.

Ze werden een mooi vlinderpaar

en bleven voor altijd bij elkaar...

 

Einde