De familie worm

23-10-2016 10:07

De familie worm

 

In de appelboom op het plein,

woonde een wormpje klein.

Hij woonde er heel erg fijn

en zou nergens anders willen zijn..

 

De boom was zijn huis,

maar ook gelijk zijn eten.

Worm  voelde zich er thuis,

en kon er lekker slapen als hij had gegeten...

 

Ook zijn familie woonde er, in de boom,

pa en ma, neef en nicht, tante en oom.

Eerst aten ze gaatjes

in alle bloesems en groene blaadjes.

 

Ja, de familie worm was in vorm...

Ze  aten en aten en aten,

neen pardon, ze vraten!

Toen kwamen er appels en de familie genoot!

Oh, die lekkere appels, en zo sappig en groot..

 

Ze hadden het erg naar hun zin

en kropen dan ook elke appel in.

In iedere appel zat wel een gat,

neen, nooit werden ze de appels zat!

 

Toen kwam er een storm,

dat was pech voor familie worm,

Ze lagen met volle buikjes te dommelen,

toen de boom begon te slingeren en schommelen...

 

Worm maakte zich een beetje sappel

en keek met zijn kopje uit een appel.

Help, al het rijpe fruit,

waaide zo de boom uit!

Het rolde alle kanten op, ook onder de struiken,

worm kon nog net terug de appel in duiken...

 

De storm ging gelukkig voorbij

en worm was opgelucht en blij,

hij lag in de appel, op de grond,

waar hij ook zijn familie terug vond!

En worm zei: Een appel is voor een worm,

een huisje tegen de storm,

en als hij eenmaal in de appel zit,

is hij een worm mét PIT!

 

Einde